donderdag 10 september 2015

Het eind van een camino

Serdio - Riegu 22 km


Beestjes, beestjes, 

Op m´n dekens, op m´n kussen, kijk maar

In m´n oren, in m´n neus en in m´n haar

Ze lopen allemaal door elkaar

Beestjes, beestjes,

Hele legers lopen daar over de grond

Kijk ze rukken op langs het plafond



Artiest: Ronnie en de Ronnies. Tekst: Peter Koelewijn



Het lied van de dag brengt me meteen bij het moment van de dag.

Rond het middaguur loop ik Colombres uit. De camino gaat een stukje parallel aan de snelweg. Rechts is een afslag naar het station. In de verte zie ik iets groens en oranjes op het perron. Dat moet Janneke zijn.

Ik sla rechtsaf en als ik binnen gehoorsafstand ben roep ik jolig: Wat gaan we doen?
Janneke draait zich om en als ze me ziet begint ze te huilen. Dat ik jou nu hier moet zien, over 5 minuten gaat mijn trein, snikt ze.
Ik wil juist mijn arm om haar heen slaan om haar te troosten en te vragen wat er is, als ze zegt: "Ik stop ermee, ik heb nu voor de tweede keer bedwantsen en ik ben moe, ik trek het niet meer.


Janneke gaat naar huis

Janneke vertelt dat ze al moe aan de camino begon. De afgelopen dagen is ze met de groep Duitsers meegelopen die net iets te snel voor haar ging. Ze had zich verheugd op de camino Primitivo vanaf Oviedo, maar ze is daar mentaal niet meer toe in staat. Volgend jaar dan maar.
Janneke, ik ontmoette haar precies twee weken geleden in Pasajes de San Juan waar ik uitgewoond aankwam en op het hete plein in volle zon een plekje op een terras in de schaduw zocht. Ze sprak me toen spontaan aan en vroeg waar ik naar op zoek was.
We liepen anderhalve dag samen. Maakten Baskische vrienden op het terras van Deba, sliepen in de benauwde herberg daar. We liepen een zondag samen een iets te hete en zware etappe naar Marikina waar we samen een kamer deelden. Het was geen gemakkelijke vrouw en er ontstonden wel eens wat wrijvingen tussen ons waar ik op verzoek van Janneke niets over in de blog schreef.
Maar met het eind van haar camino leef ik intens mee. Ik begrijp goed hoe moeilijk die beslissing voor haar was, maar nu ze die heeft genomen is ze opgelucht.
En die huilbui begrijp ik goed. Toen ik haar ontmoette was het haar eerste dag. Nu ben ik de laatste pelgrim die ze op haar camino ziet.

Tja medepelgrims met al hun eigenaardigheden en (on)hebbelijkheden. Als ze er niet meer zijn, ga je ze toch missen. Ook op de slordige en tactloze Pia ben ik inmiddels erg gesteld geraakt. Benieuwd waar ze vannacht slaapt.

Op het perron zit een Spaanse pelgrim. Hij heeft ook bedwantsen, maar heeft besloten er niets aan te doen. Dat doet hij thuis wel.
Nu had ik me voorgenomen deze camino niet te snel over anderen te oordelen, maar dit gedrag vind ik ronduit asociaal. Als ik hem even later passeer, deel ik hem mee dat ik niet hoop hem in een pelgrimsherberg tegen te komen, want dat wordt geen gezellig samenzijn.
Hij haalt zijn schouders op.


Pelgrim die niets aan zijn bedwantsen doet (op zijn rechterbeen zie je de uitslag)

Rria de Tina Menor

Terug naar het begin van de dag. Voor het eerst vertrek ik als het buiten nog donker is (kwart over zeven). Het is al later in het seizoen geworden en ik loop steeds meer naar het westen. Dat ga je duidelijk merken, 's Ochtends langer donker en 's avonds langer licht.
Verleden week in Castro Urdiales ook maar zo'n mijnwerkerslamp gekocht.

Ik loop vandaag Cantabrie uit en Asturie in.

We lopen Asturie binnen

Camino langs het spoor: een voorteken?
Op de top van een heuvel heeft een bejaarde een toeristenval opgezet. Geheimzinnig opent hij een deurtje van een kapelletje en steekt een kaars voor de Maagd Carmen aan. Leuk, denk ik nog, een gesprek met een autochtoon, maar als hij mijn donativo heeft ontvangen, is zijn belangstelling weg en begint hij tegen een nieuwe pelgrim precies hetzelfde verhaal. Enfin, als hij er zo zijn AOW mee kan aanvullen, vind ik het best.
Bejaarde bij toeristenval
In Colombres komen we in het land van de Indianos. Spanjaarden die rijk uit Zuid- en Midden Amerika zijn teruggekomen en hier eind 19e eeuw grote huizen hebben gebouwd.

Rijke archtiectuur in Colombres

De snelweg is nooit ver weg

In Pendueles zijn de gele pijlen niet zo duidelijk. Ineens zie ik Bara uit Tsjechie voor me uit lopen. Ze weet blijkbaar de weg want ze heeft er stevig de pas in. Het kost met moeite haar in te halen en ook mijn achillespees laat weten deze onverwachte manoeuvre niet te apprecieren.
Bara onmoette ik verleden week vrijdag toen ze in een bar terugkwam om haar vergeten wandelstokken op te halen. Ze waren er echter niet meer. Volgens pelgrims die geloven in de goedheid van de mens had een andere pelgrim ze meegenomen om ze bij de pelgrimsherberg af te geven (maar welke?). Volgens anderen had iemand ze gewoon voor eigen gebruik ingepikt. Hoe dan ook, ze heeft ze nooit meer teruggezien.
Ze zei dat ze niet zonder kon en in Santander nieuwe zou kopen. Nu loopt ze nog steeds zonder. Vandaag liep de route nog langs een sportzaak, dus ik vermoed dat de financien een probleem vormen.

Met Bara was ik zaterdagavond op het terras van de herberg in Guemes de enige niet-Duitser.
Aan Bara kleeft een speciaal verhaal. Ze liep eerst de camino Francés maar ontmoette daar een medepelgrim waar ze niet meer van afkwam. Ze is toen naar de camino del Norte uitgeweken.
Bara vertelt dat Janneke haar heeft gevraagd om me te zeggen dat ze naar huis ging.
Bara vraagt of ik denk dat het gaat regenen. Llanes is een dure stad en ze wil daar eventueel buiten slapen. Ik besef maar weer eens hoe rijk ik ben.
Met het verhaal van de pelgrim op de camino Frances in het achterhoofd laat ik haar weer alleen.

Bara loopt het liefst alleen 
De weg gaat weer richting snelweg en gele pijlen zijn zeer schaars. Ik pak mijn gids erbij en lees dat de officiele route langs de weg loopt, maar dat dit een van de gevaarlijkste en lelijkste stukken van heel Asturie is. De gids beschrijft gedetailleerd hoe ik wel in Pendueles had moeten lopen.
Tja, hieruit blijkt maar weer eens hoe dom het is blindelings achter andere mensen in het algemeen en jonge vrouwen in het bijzonder aan te lopen.
Wat te doen? Het is inmiddels vier uur en het is nog ongeveer 11 km naar Llanes. Langs de grote weg zou ik dat nog wel redden, maar dan mis ik een mooi natuurgebied.
Maar om nu om vier uur 's middags nog aan een natuurgebied te beginnen als je toch al moe bent?
Ik besluit om de weg te volgen en het eerste het beste hostal te nemen, maar veel kans geef ik me niet. Er is nauwelijks verkeer op dit gedeelte en de dorpen zijn dichtgeplakt met kranten.
Saaie en gevaarlijke weg ondanks grafische grappen
Precies éen bocht verder is er een driesterrenhotel. Dat is ook weer niet de bedoeling, maar ik ga maar eens vragen wat een kamer kost. Ik kan kiezen: 20 euro of 35 euro. IK vraag of er wifi is. Ja, in die van 35 euro. Dus beste volgers, geen kosten of moeite zijn me te veel om het jullie naar de zin te maken, dus ik slaap vannacht voor 35 euro.
Ik denk aan precies een week geleden. Toen kwamen Janneke en Gerhard onverwacht aan mijn hotelkamerdeur kloppen waarbij Gerhard zong: living life in luxuery.

Living life in luxuery

Dag Janneke
En voor de volgers die lid zijn van ons genootschap. Janneke woont in Groningen dus ik heb haar uitgenodigd als mijn introducee tijdens de najaarsbijeenkomst.
We gaan het zien. 

woensdag 9 september 2015

De hamvraag

Comillas - Serdio 20 km 

het internet is hier bijzonder beperkt, het blijft vandaag bij twee foto's.


Ja, ik weet het niet, zei Hans
maar het moet een meisje zijn met goudblonde lokken
en ogen als meren die niet kunnen jokken
een mond zoet als honing dan weer scherp als een mes
en hopelijk is haar vader dan koning en zij een prinses
en...ze moet Liesje heten

en toen knikte de prinses en zei
ik heet Esmeralda
maar zeg maar Liesje

Jaap Fischer

Zag vanmorgen pas dat het hostal waarin ik heb geslapen Esmeralda heet. Dan kan er niet anders dan dat schitterende lied van Jaap Fischer als lied van de dag volgen. Een tekst waar je me midden in de nacht voor wakker kunt maken, dan zeg ik hem zo voor je op.
Maar, volger. ik hoor het je al zeggen. Waar jij geslapen hebt, weten we nu wel, maar de hamvraag is natuurlijk: Waar heeft Pia geslapen? En waar slapen André en/of Pia vanavond.
Het antwoord aan het eind van deze blog.

Pia ziet er wakker uit. Waar heeft zij vannacht geslapen?
Gisteravond in Hostal Esmeralda gezellig gegeten met Elly en Tiny uit Nuenen. Ze lopen ook de Camino del Norte, maar slapen niet in pelgrimsherbergen want daar doen ze geen oog dicht.

Gezellig tafelen met Elly en Tiny

Over vandaag is niet zo veel te vertellen. Ik ging om 8 uur lopen en het vreemde was dat ik nauwelijks andere pelgrims zag. De de pelgrims die ik wel zag ontmoette ik voor het eerst.
Prettig vond ik dat het bewolkt was en vrij fris. Dat is toch wel een verschil met juli en augustus. De hitte maakte het extreem zwaar. Nu loopt het zoveel gemakkelijker. Maandag jl. liep ik 35 km zonder dat ik echt moe was en ook gisteren was het achter in de twintig.

Dan alleen het probleem van de volle herbergen nog oplossen. Dat is ook niet zo moeilijk.
Waarom zijn die herbergen zo vol?
Omdat iedereen er naar toe gaat.
Wat moet je dus doen om een herberg te bemachtigen die nog plaats heeft?
Een herberg bezoeken waar niet iedereen naar toe gaat.
En waar vind je die?
Tussen twee belangrijke etappeplaatsen in. In een met kranten dichtgeplakt dorp waar niets is te beleven.
Zo'n dorp is Serdio.

De pelgrimsherberg ziet er echter wat  unheimisch uit, zo met een uitpuilende vuilbak bij de entree.
Ik zie ook geen wasgoed hangen of andere pelgrims gezellig buiten zitten.
Ik twijfel even, maar ga toch maar binnen.
Dan hoor ik ineens vanuit de meisjes-wc mijn naam roepen.
Wie is dat? Juist volgers, Pia.
Ze heeft vannacht in de herberg op de grond geslapen. We zijn nog de enigen in de pelgrimsherberg, maar die loopt langzaam vol. Ook Felix en Lukas - met wie ik maandag in de herberg was- arriveren.
Ik kies een bed in het halletje voor de wc's. Degene die het meest 's nachts zijn behoefte moet doen, ben ikzelf.








dinsdag 8 september 2015

Als ik echt wanhopig ben, kom ik bij je terug

Santander - Camplengo 35 km (maandag)
Camplengo - Comillas 27 km (dinsdag)


Altijd als we samen waren hadden we plezier
stierenvechter spelen en mijn opa was de stier

Uit: ja zuster, nee zuster



Over de dag van gisteren is niet zo veel te vertellen dus in die zin is het niet zo erg dat er geen wifi in de herberg was.
Onderstaande foto geeft het wel aardig weer. Door een rommelig binnenland met veel industrie.
Wel netjes tussen Boo de Pielagos en Mogro de trein genomen en niet over de spoorbrug gelopen zoals de meeste pelgrims doen (dan spaar je een omweg van 6 km uit). Ten eerste is het verboden en als iets verboden is,  moet je het niet doen zou mijn Annemieke zeggen. Ten tweede is het niet zonder gevaar want als er een trein aankomt heb je niet veel ruimte.
De Spaanse hospitalero in Guemes (die in het dagelijks leven in de gevangenis van Santona werkt) had het nog zo uitgelegd. A;s je geen kaartje hebt, kom je in de gevangenis. Maar: no pasa nada, want in de gevangenis werk ik.
Ik heb inmiddels begrepen dat de spoorwegen pelgrims zonder kaartje in dat stukje (het is nog geen 5 minuten) oogluikend toestaan. Ze hebben liever zwartrijdende pelgrims in de trein dan op de spoorbrug.
Verder was het een eenzame dag, geen enkele andere pelgrim ontmoet (waar zijn al die Duitsers toch gebleven?). Als lied van de dag zou je bijna Ik voel me zo verdomd alleen kiezen.

Industrielandschap op maandag

Mijn einddoel was de herberg van Requejada, maar die was gesloten wegens  bedwantsen. Toch een serieus probleem. Moet ik in de volgende druk van Praktisch pelgrimeren maar eens aandacht aan besteden.
Dan maar verder naar de privé herberg Arco Iris in Camplengo. Een bijzonder vreemd gebeuren. Een soort kruising tussen wat ze in Frankrijk zouden noemen een APD (accueil pelerins a domicile) en een herberg. Je zat in de huiskamer waar aangrenzend twee kamers met stapelbedden waren en een soort douche- en wc-ruimte. Een oude man schreef mij in en toen hij mijn paspoort zag, riep hij trots dat hij een jaar jonger was dan ik (ahum...).
In de hoek zat een dementerende man ons voortdurend aan te kijken.
Enfin, het eten was prima en het was gezellig met nog vier pelgrims. Twee Deense verpleegsters en twee Duitse jongens. Een ervan (Felix) herkende mij nog van het terras van de herberg in Guemes.

Diner met Lukas, Felix, Bente en Ulla terwijl dementerende man toekijkt

Vandaag in de pelgrimsherberg lag iedereen om kwart over zeven nog op één oor, dus maar eens het goede voorbeeld gegeven en opgestaan.
Om 8 uur loop ik al door Santilla de Mar, een stadje dat al voor de tiende eeuw schijnt te hebben bestaan. Veel huizen zijn goed bewaard gebleven. Het is nog stil, maar op mij wekt het toch de indruk dat je op moet passen hier later op de dag niet in een toeristenval te trappen.

Vroeg in Santilla del Mar

Onderweg maak ik kennis met een Canadees/Spaans koppel met een hond (zij heet Sandra, maar hoe de hond en hij heette kon ik ook na enkele herhalingen niet verstaan).
Ik vertel ze over het verschil tussen de pelgrims in Frankrijk en Spanje. In Frankrijk zorgden we voor elkaar, hier is het ieder voor zich. Ze beamen dit. Ik ben de eerste pelgrim die ze spontaan aanspreekt.


Er voegt zich een Duitse herder bij ons die ons wel erg gezellig vindt. Ik zie al wat er gaat gebeuren, die raken we dus niet meer kwijt. Een paar kilometer later, krijgt het koppel dit ook door. Wat nu?
De oplossing van het probleem is snel daar. De eigenaar van de hond komt ons achterna. De herder wil echter niet in de auto. Dan maar aan de lijn.

Laat jij even de hond uit?

Maar dan opeens zie ik  mijn enige echte vriend op de camino: Iago. Het weerzien met zijn bazin Christina is hartelijk, we hebben elkaar al een paar dagen niet gezien
Iago speelt met een tak

En dan komt er nog een vriendin die ik al sinds zondagmorgen niet meer heb gezien: Pia. Ik vraag waar ze de laatste dagen is geweest. Na haar antwoord voegt ze er meteen aan toe dat ze alleen wil lopen. Nu hoef je mij de genoegens van het solo lopen niet uit te leggen, maar dat kun je ook op een iets later moment zeggen. Tact is niet de sterkste eigenschap van Pia.

Pia: ik loop graag alleen

Even later tref ik haar als ze een broodje eet met Hans. die vertelt dat hij een Duitser is die in Maastricht woont. Maar ik ken dat verhaal. Ik moet even denken, maar dan weet ik het weer. Ik ontmoette hem verleden week woensdag even kort in een bar in Portugalete.
Pia biedt me een broodje aan. Haar tactloze optreden van eerder is meteen vergeven. Misschien moet ik niet zo snel oordelen?
Pia met Hans

Rond het middag uur bereik ik Cobreces. Diverse pelgrims blijven hier in het klooster slapen, maar ik wil graag nog 10 km verder naar Comillas.
De route gaat over het strand van Luanes. Ik zie dat Pia vlak achter me loopt.

Het strand van Luanes

Ik moet nodig, maar als iets verboden is, moet je het niet doen

In Comillas is de herberg vol: completissimo. Ik neem mijn intrek in een hostal met een vriendelijke eigenaar die vraagt of ik soms familie ben van Johan Brouwer die over de Spaanse burgeroorlog schreef. Neel, helaas. ik ben maar een simpele schrijven van Praktisch Pelgrimeren.

Hostal in Comillas

Als ik al een uur op het terras zit, komt ineens Pia langs. Het is inmiddels 6 uur. Ik vertel dat de herberg vol is en bied haar aan mijn kamer te delen. Het is een ruim vertrek met twee aparte bedden dus ze kan op haar eigen bed zoveel rommel maken als ze wil. Bovendien: we hebben in Guemes samen met Jetta al een kamer gedeeld. En als man van middelbare leeftijd ben ik niet uit op escapades met een meisje van 24. Ik heb genoeg aan twee meisjes op het strand.
Voor de niet-pelgrims onder de volgers komt dit misschien wat vreemd over: een kamer delen met een jong meisje, maar als pelgrims onder elkaar hebben we geleerd elkaar te helpen, elkaar te vertrouwen en dat vertrouwen niet te beschamen.
En voor de pelgrims onder ons die tevens lid zijn van ons Genootschap: in de volgende Jacobsstaf schrijft Bram van der Wees hier enkele mooie woorden over.
Voor Pia is dat allemaal nog niet zo vanzelfsprekend. Ze wil eerst naar de herberg om te vragen of ze soms op de grond of buiten mag slapen. When I am desperate, I come back to you.

Tja, tact is niet de sterkste eigenschap van Pia.


Twee meisjes op het strand van Luanes

maandag 7 september 2015

Geen rustdag, maar wel rust in het hoofd

Vandaag veel gelopen in alle rust. Weinig ontmoetingen en na 35 km bij een herberg zonder WIFI beland. Morgen komt het verslag, zoals wij inmiddels al verwachten.

Annemieke

zondag 6 september 2015

Ik ontmoet en neem afscheid

Guemes - Santander 17 km (zondag)

(Vergeet niet eerst de blog van zaterdag te lezen, die is ook vandaag on line gezet)

Besame, besame mucho
met elke kus weet ik dat ik steeds meer van je hou
besame, besame mucho,
jij bent voor mij toch dat weet je, de enige vrouw

Nederlandse vertaling: André Brouwer (de rest van de vertaling heb ik zo niet paraat. die moet ik thuis weer eens opzoeken).

Gerhard, Pia en ik zingen Happy Birthday voor Jetta, ze wordt vandaag 30. 

Zonsopkomst bij de herberg
Met Jetta op stap gaat het allemaal niet zo snel, dus ik doe rustig aan.
Als ik terugkom van de wc is haar rugzak echter al weg. Ik krijg ineens een onrustig gevoel en loop naar de voorkant van de herberg waar ik haar naast haar rugzak een shaggie zie te roken.
Ik vraag of ze even op me wacht. Ze antwoordt dat ze vandaag alleen verder wil gaan. Haar camino is maar vijf dagen lang, waarvan ze er twee met mij heeft gelopen. De laatste twee dagen wil ze alleen verder om over sommige dingen na te denken.
Ik begrijp haar rationeel volledig - ik zou waarschijnlijk hetzelfde gedaan hebben -. maar emotioneel valt haar beslissing me  zwaar vanwege het onverwachte moment waarop ze het zegt.
Ze bedankt me voor de rust die ik uitstraalde (een mooi compliment) en we nemen afscheid.

Ik ga terug naar onze slaapkamer. Ik moet nu even geen mensen om me heen hebben. Om afleiding te hebben pak ik mijn gids en bestudeer de route.
Dan verschijnt Jetta in de deuropening en komt zwijgend op me af. Ze omhelst me stevig en gaat zonder iets te zeggen weer weg.
Het woordloze van het moment ontroert me en verzoent me meteen met  het afscheid. Ja, alles is gezegd, er hoeft niets meer aan toegevoegd te worden.
We gaan ieder verder met onze eigen camino en ons eigen leven.

Gerhard doet vandaag vrijwilligerswerk
Ik neem ook afscheid van Gerhard. Hij blijft vandaag in de herberg om vrijwilligerswerk te doen en probeert mij over te halen zijn voorbeeld te volgen. Ik moet hier niet aan denken. Het was gisteravond bijzonder gezellig op het terras. Ook de Duitse pelgrims werden  nieuwe vrienden. Dan zit je hier vanavond weer tegen hetzelfde decor met een totaal nieuwe cast.
Gerhard moet voor eind september in Santiago zijn, dus hij is van plan in Santander de bus naar Oviedo te nemen en vandaar de camino Primitivo te volgen. Ook hem zal ik waarschijnlijk dus niet meer zien. 


Je kunt via verschillende manieren naar Santander. Of snel via de weg of het  langere pad langs de kust. Ik kies voor het laatste.
Ondanks het emotionele begin van de dag geniet ik van het landschap en vooral van de lagere temperaturen.
Geen bijzondere ontmoetingen vandaag, maar daar ben ik ook niet op uit. Even een dagje met mezelf.

Geen bijzondere ontmoetingen vandaag


In de verte ligt Santander

Het laatste stuk gaat over het strand van Somo. Diverse Spanjaarden wensen met buen camino.
Een leraar met een klasje zeer jonge surfleerlingen maakt een praatje. Zeg eens netjes Buen camino tegen de pelgrim: vraagt hij zijn leerlingen. Buen camino klinkt het als een kinderkoor.

Eerst herken ik ze niet, maar een groepje Duitse pelgrimsvrienden maken er vandaag een stranddag van.

Duitse pelgrims bouwen een zandlasteel

Twee meisjes op het strand van Somo

In Somo neem ik het bootje naar Santander waar ik al snel een hostal vindt voor 33 euro. Vanavond even geen zin in andere pelgrims. Morgen zie ik ze graag weer.

Het bootje van Somo naar Santander


Weer verder met ieder ons eigen leven

Nog een biertje burgemeester?

Santona - Guemes 21 km (zaterdag)


De een zegt I love you, bijvoorbeeld een Canadees
de ander zegt Je t'aime, bijvoorbeeld een Canadees
Ich liebe dich, is een Duitster, die in Canada is geweest

Herman Finkers

Vrijdagavond een gezellige avond met Leo en Tine Jacobs die me een etentje aanboden. Ze staan een eindje verder op de camping en gaan binnenkort in Galicia fietsen.
Leo en Tine zijn zelf ook pelgrims dus ze begrijpen wat ik aan het doen ben. Tine vraagt hoe ik me voel. "Je leeft eigenlijk in een andere dimensie" vat ze mijn uitvoerig antwoord mooi samen.
Het is nog op een andere manier bijzonder. Leo was een goede vriend van wijlen Jeroen Gooskens.
Ik kocht zijn boek Ver Onderweg in 1994 toen ik nog amper van de camino en nog helemaal niet van het Genootschap van Sint Jacob had gehoord. Het was mooi Jeroen later persoonlijk te leren kennen.

Leo en Tine Jacobs

Een bijzonder wijnetiket
De gezellige avond met Leo en Tine kwam op een mooi moment want ik was vrijdagmiddag toch wel iets ge-emotioneerd door Jetta die kort voor het afscheid vroeg of ik soms op een vrijdag geboren was.
Tijdens het diner met Leo en Tine heb ik er niet meer aan gedacht, maar nu ik zaterdag weer op pad ben, moet ik denken hoe vreemd het soms kan lopen op de camino. 's Morgens wist ik niet eens dat Jetta bestond en 's avonds leek het alsof ik afscheid had genomen van iemand die ik al heel lang kende.
Toen ik haar aan zag komen daar bij die afslag in de regen met haar paraplu en ze een stukje met me meeliep was mijn eerste gedachte: te jong, te mooi, te blond. Maar ik had me vergist waarmee voor de zoveelste keer weer eens bewezen is dat je in het leven niet zo snel moet oordelen.

Ik kan mijn gedachten echter op andere dingen richten. Na Playa de Berria wordt de camino ineens een heel smal bergpad dat steil omhoog gaat. Door de regen en de vele pelgrims die me voorgingen is het een glijbaan geworden. Er is geen enkele afscheiding door middel van een leuning of zoiets dus als je uitglijdt val je of enkele tientallen meters lager in zee of je blijft in de doornenstruiken hangen.
Ik verbaas me dat de camino zonder waarschuwing over dit pad gaat. Ik ken diverse Nederlandse pelgrims die hier acuut om zouden draaien.

Glijbaan

Na het ronden van de klif wacht uitzicht op een nieuw strand. Het valt niet mee om daar te komen want de afdaling is nog moeilijker dan de klim. Het is allemaal spekglad en steeds moet ik uitvoerig bestuderen waar ik mijn voet neerzet. Door de zak op je rug, kun je snel je evenwicht verliezen. Eén verkeerde stap en...


Aan de andere zijde van de klif wacht een steile afdaling
Als ik even rust om op adem te komen (ook van een afdaling kun je gaan hijgen) en achterom kijk, zie ik iets blonds de berg komen abseilen. Het zal toch niet...? Jawel, het is Jetta.
Ze gaat hele stukken op haar achterwerk zitten en laat zich zo naar beneden glijden.


Abseilen
Als we wee veilig beneden zijn lopen we net als gisteren weer met onze blote voeten over het strand.
Jetta is wat nerveus. Ze heeft vanochtend haar zoontje (3) proberen te bellen, maar haar vader zei dat hij nog sliep. Vreemd, want bij haar (ze woont niet meer samen met de vader) is hij altijd al om 6 uur wakker.
De vader heeft beloofd terug te bellen als Franz wakker is, maar het duurt allemaal wel lang. Als de telefoon gaat, ga ik wat van haar aflopen om haar privacy te gunnen. Als ze opgehangen heeft, zie ik een blije opgeluchte moeder.

In Noja treffen we bijna alle Duitse pelgrimsvrienden op het terras. Ook Gerhard is er.
Na de koffie stappen we weer op. De Duitsers zijn allemaal sneller. Jetta wil het vandaag rustig aan doen en vraagt of ze weer met me mee mag lopen.
Ook Gerhard loopt met ons mee, maar ondanks dat Jetta en ik hem nadrukkelijk verzekeren dat hij niet stoort (we zijn geen setje en bespreken geen geheimen) merk je aan alles dat hij zich een derde wiel aan de wagen voelt. Hij praat aan één stuk door en maakt grappen om maar geen stilte te laten vallen.
Dat wordt er niet beter op als hij op een gegeven moment vraagt wat Jetta en ik gisteren op het strand gedaan hebben en Jetta antwoordt. We enjoyed the silence.
Even terzijde: Jetta en Gerhard zijn beide Duitsers, maar Jetta en ik spreken onderling Engels en als ik alleen met Gerhard samen ben  spreken we Spaans. Ik vind dat een heel mooie oplossing, want als de een zich gemakkelijk in zijn moedertaal kan uitdrukken en de ander in een vreemde taal steeds naar worden moet zoeken, heb je geen gelijkwaardige communicatie.



Onderweg maken we even een praatje met een man met een stofzuiger die nog wat losse eindjes heeft op te lossen.

Waar zat nu dat losse draadje?

Jetta heeft zin om vooruitlopend op haar verjaardag van morgen Sidra te gaan drinken.
De bar in San Miguel de Meruelo heeft echter alleen twee lauwe flesjes, dus Jetta bestelt bier en een kaasplankje (wat een vrouw!!!).


Selfie met kaasplankje

Jetta speelt thuis graag Jeu de boules en vraagt aan de man naast haar of dat hier soms ook gedaan wordt. Het blijkt de burgemeester te zijn. Nee, dat niet, maar als we beloven volgend jaar terug te komen, mogen we bij zijn vrouw logeren en dan zorgt hij dat er een Petanca-tournooi is.
We moeten er nog één drinken van de burgemeester en bij het afscheid biedt hij ons allemaal een speldje van de gemeente aan.
Dit gebaar inspireert Gerhad tot een ge-improviseeerde toespraak in het Spaans. Kortom: als gerespecteerde vrienden van de autoriteiten verlaten we dit dorp.

De burgemeester (links) en zijn vrouw (naast Jetta)

Als we tegen half vier (!!) weer opstappen besluit Gerhard toch maar alleen verder te lopen. Ondanks het gezellige drinkgelag heeft hij nog steeds het idee dat hij te veel is voor Jetta en mij.
Buiten het dorp ontdek in dat ik mijn wandelstok ben vergeten (Oorzaak drank?).
Ik ga terug terwijl Jetta op mijn rugzak past. Als ik terugkom zie ik dat ze er een biertje bij heeft genomen. Ik vraag hoe ze daaraan komt. Uit de bar meegenomen.
Als bierdrinkend lopen we verder.

We zien Pia langs de weg zitten. Een Duitse studente psychologie (ouders komen uit Thailand). Ze heeft enkele dagen geleden samen met Janneke bedwantsten opgelopen en zit onder de rode plekken die ze met creme moet behandelen.
We lopen met zijn drie-en verder.

Met Jetta (29) kan ik goed praten, maar hoewel Pia maar 5 jaar jonger is, merk je toch dat ze van een heel andere generatie is.
We lopen rustig (de bedwantsen hebben Pia geen goed gedaan). Om 6 uur nemen we een pauze.
Jetta ziet in de verte een bar en komt even later terug met drie koele biertjes.


Met twee meisjes op stap
Om kwart over zeven arriveren we bij de herberg in Guemes. Het is een herberg met 50 bedden en er zijn er nog vier over.
De Duitse hospitalera geeft eerst een aantal bevelen. Rugzakken daar, stokken daar, schoenen daar en vervolgens krijgen we een preek dat het toch geen pas geeft op het allerlaatste moment te arriveren.
Laatkomers worden echter beloond want van een Spaanse hospitalero krijgen we een privé kamertje met twee stapelbedden. Met twee meisjes in een kamertje.

De herberg in Guemes

Om half acht is er een gezamenlijke bijeenkomst waarin we uitleg krijgen over de geschiedenis van de herberg en de filosofie erachter.
Ik vind het allemaal wat over the top en schools overkomen, maar houdt mijn mening voor me. Later op het terras hoor ik van de Duitsers precies hetzelfde.
Daarna is er een gezamenlijke maaltijd.

Schoolklasje met uitleg over de herberg

Na de maaltijd zit ik met de Duitsers op het terras. Samen met Bara (een jonge vrouw uit Tsjechie) ben ik de enige niet-Duitsers. Als vanzelf gaan de Duitsers op Engels over en als iemand toch in het Duits begint, wordt hij door de anderen gecorrigeerd. Kortom: zeer beleefde Duitsers.
Jetta gaat in de herberg om drank vragen en komt terug met een mineraalwaterfles gevuld met wijn (I played the card of my birthday).

Ik zie dat Pia het koud heeft. Ze heeft uit angst voor bedwantsen en voor de zekerheid haar kleren nogmaals in de wasmachine gegooid en zit nu in een T-shirtje op het terras. Ik leen haar mijn fleece trui.

De andere ochtend zie ik tot mijn verrassing dat ze mijn fleece trui in bed heeft aangehouden.
Als ik even later terugkom van de wc, is er nog een verrassing. Pia is al gaan ontbijten en op mijn bed ligt mijn fleece trui precies zoals Pia hem heeft uitgetrokken: half binnenstebuiten, de mouwen ineengefrommeld.
Ik stoor me er niet aan, maar ben wel verbaasd. Als psychologiestudente kom je blijkbaar niet op het idee de trui even op te vouwen en de eigenaar te bedanken voor het lenen. Nu ja, als je haar bed zag, kon je dat ook wel een beetje verwachten.

Het bed van Pia

zaterdag 5 september 2015

Hoe zou dat komen?

Ik weet niet wat het is maar er is iets mis
Hoe zou dat komen
't Liefst loop ik alleen, niemand om me heen
In mezelf te dromen
'k Wil terug naar de kust
Heel ongerust zoek ik de weg naar de kust
Bijna niet bewust van de dreiging dat daar m'n jeugd voorbijging


Terug Naar De Kust / Theun de winter, gezongen door Maggie MacNeal in 1976

Hoe zou dat komen dat er zaterdag geen blog is? Hebben de trouwe volgers een dag vrij gevraagd? Nee, wij volgers wachten elke dag in spanning op nieuwe belevenissen. André had zelf behoefte aan een rustdag. En wat deed hij deze avond? Wandelen langs het strand in gezelschap van twee dames en geen tijd gereserveerd om te werken aan zijn blog. Zondag wacht ons weer een uitgebreid verslag.

Annemieke